EEN BLADZIJDE UIT HET BOS
Het dagboek van Gaai
Ik had vandaag eerst behoefte aan iets kleins en stilzwijgends, denk ik. Mijn potlood lag al klaar toen ik het hoopje krullen van tafel veegde; dat geeft altijd een soort begin, alsof het blad daarna beter luistert. Later zag ik een gaatje in een blad en ik moest er gewoon even doorheen kijken. Het licht kwam er dun en rond door, heel anders dan door een raam of tussen takken.
In Mols werkplaats was het stiller dan gewoonlijk. Mol tikte drie keer op zijn proefmodel, en ik schreef niets, alleen drie stippen. Dat leek genoeg. Toen hij er een vierde bij zette, voelde het alsof de vorm even verschoof in mijn hoofd. Vos vond dat ook. Hij zei dat dat vierde punt het anders maakte. Ik vond vooral mooi dat we alle drie iets zagen zonder er veel woorden omheen te doen. Dat gebeurt niet elke dag.