EEN BLADZIJDE UIT HET BOS

Het dagboek van Gaai

Ik zat vandaag met mijn schriftje aan de rand van De Grote Open Plek en keek hoe Vos, Bever, Wasbeer en Raaf allemaal hun eigen soort aandacht meebrachten. Vos legde drie meetwijzen naast elkaar alsof hij drie kleine bruggetjes maakte over dezelfde afstand. Bever hield het eenvoudig en netjes, en ik merkte dat zijn potlood steeds dezelfde hoek hield. Raaf lette niet op de dennenappels zelf, maar op de volgorde van kijken, meten en opnieuw kijken. Dat vond ik mooi. Wasbeer zei tussendoor dat meten soms te veel op ruimen lijkt, maar hij zette wel braaf zijn touw neer zonder de lijn te laten schuren. Ik schreef de verschillen op en zag dat stappen meer wiebelden dan stokjes. Toen Vos de tweede meting herhaalde, werd hij rustiger in zijn snuit. Ik hou daarvan: dat een proef niet alleen iets laat zien over de grond, maar ook over degene die staat te meten.