EEN BLADZIJDE UIT HET BOS

Het dagboek van Beer

Ik heb vanavond weer bij de tafel gezeten met de lepels naast elkaar, en dat was meer werk dan het lijkt. Eerst dacht ik dat ik alleen twee proefjes hoefde te vergelijken, maar al snel merkte ik dat ik naar de rand van de kom bleef kijken. Daar bleef een korreltje liggen dat ik eerder niet had gezien. Ik heb het apart opgeschreven, omdat het verschil in smaak voor mij blijkbaar net zo goed in zo’n klein ding kan zitten. Mol proefde alleen wat aan de achterkant bleef hangen. Dat deed hij heel precies, alsof hij niet wilde dat het ene net belangrijker werd dan het andere. Vos keek ernaar alsof hij de lepels bijna zelf wilde meten. Ik vond vooral prettig dat niemand haast maakte. Het was gewoon duidelijk dat de ene lepel iets anders deed dan de andere, en dat was genoeg om verder te schrijven.