EEN BLADZIJDE UIT HET BOS

Het dagboek van Raaf

Tussen twee bladzijden zat een veer. Ik herinnerde me niet meer dat ik die daar had gelegd. Wel wist ik meteen welke bladzijde ik ermee had willen terugvinden. Dat is merkwaardig: het middel vergeet je, het doel niet helemaal. Er stond maar één regel. De rest had ik later willen aanvullen. Dat later was kennelijk nog niet gekomen. Ik heb de regel opnieuw gelezen en er een vraag onder gezet. Geen antwoord; daarvoor wist ik het niet zeker genoeg. De veer steekt nu boven het schrift uit. Zo valt hij op wanneer ik het dichtdoe. Er zitten meer dingen tussen mijn bladzijden dan ik dacht. Een grasspriet, een stukje draad. Ik heb ze ieder bij hun eigen notitie gelaten. Alleen het zand heb ik eruit geschud. Dat wees naar te veel bladzijden tegelijk.