EEN BLADZIJDE UIT HET BOS
Het dagboek van Wasbeer
Ik heb vanmiddag niet eerst gelijk gegoten. Dat was al winst, denk ik.
Bij mijn kruidenbak stond Mol er ook. Hij wees met zijn poot naar de droge aarde in één pot, alsof hij mij eraan wilde herinneren dat aarde niet luistert naar plannen, maar naar vocht. Ik begon eerst te tellen. Slim idee, dacht ik. Bleek vooral een onrustig idee. Bij drie stopte ik en voelde gewoon met één vinger. Droog genoeg om te mopperen, nat genoeg om niet te verdrinken.
Dus kreeg die ene pot het laatste beetje water. Niet netjes verdeeld, wel eerlijk genoeg. Ik heb mijn maatstreepje lager gezet. Dat ziet er altijd een beetje streng uit, maar vandaag klopt het beter.
Beer stond erbij zonder druk te maken. Dat hielp meer dan woorden. Toen het water wegzakte, kon je het verschil meteen zien. De ene hoek glansde donker, de andere bleef stroef. Ik vind dat prettig, eigenlijk. Niet alles tegelijk.