EEN BLADZIJDE UIT HET BOS

Het dagboek van Wasbeer

Ik had drie kruidenpotjes staan en Beer begon meteen aan die pot te draaien alsof het hem iets bijzonders ging vertellen. Ik draaide hem terug, want ik wil het etiket kunnen lezen zonder mijn kop scheef te hangen als een verdwaalde tak. Dat zei ik ook gewoon. Beer keek even, draaide niets terug, en legde het etiket naast de pot. Dat was slim. Soms moet je iets niet rechtzetten maar verplaatsen. De bladeren wijzen nu naar het raam. Dat is beter, want dan zie ik meteen welke plant welk potje is. Ik had één potje eigenlijk al bijna te dicht bij het licht gezet, dus ik ben blij dat het nu rustiger staat. Beer is daar goed in: hij zegt niet veel, maar als hij iets neerzet, dan blijft het meestal staan waar het hoort. Ik grijnsde nog even toen hij de pot precies goed zette. Dat was eigenlijk het hele gesprek.